Medicijnen bij zwangerschap
3 november 2009
|
Een kinderwens is niet voor iedereen een ongecompliceerde
aangelegenheid. Zeker niet voor vrouwen met reuma die medicijnen
gebruiken. Hun grootste zorg is: wat zijn de risico's voor mijn
kind?
Doctor Fokaline Vroom stelde deze vraag centraal in haar
promotieonderzoek aan de Rijks Universiteit Groningen. Het
Reumafonds bood financiële steun aan deze belangwekkende
studie.
Dilemma
Vroeger gaven de artsen aan vrouwen met reuma het advies om geen
kinderen te krijgen. Er waren toen nog geen medicijnen die het
proces van reuma konden vertragen. Lichamelijk gezien zou het
daardoor te moeilijk zijn om voor kinderen te zorgen. Inmiddels is
dat anders: er zijn middelen die de ontstekingen van reuma kunnen
tegengaan, de zogenaamde DMARDs (Disease modifying anti-rheumatic
drugs). Maar in hoeverre zijn deze relatief zware middelen te
combineren met zwangerschap? "Patiënten van nu zijn mondiger dan
vroeger", zegt Fokaline Vroom. "Tegenwoordig neem je niet zomaar
genoegen met het advies om geen kinderen te krijgen. Het is een
afweging van de patiënt zelf, in samenspraak met de arts. Dit maakt
het des te belangrijker dat er goede informatie is. Want het is
nogal een dilemma. Je weet niet wat de medicijnen doen met je
ongeboren kind, maar je weet ook niet wat er gebeurt als je stopt
met de medicijnen. Wat als je reuma zo erg opspeelt en je daardoor
blijvende beperkingen krijgt?"
Advies op maat
Fokaline Vroom dook vier jaar lang in het onderwerp. Zij deed een
grote literatuurstudie om alle beschikbare kennis op een rij te
zetten. Daarnaast analyseerde zij Nederlandse en Engelse gegevens
over vrouwen die de betreffende medicijnen (DMARDs) tijdens of vlak
voor hun zwangerschap gebruikten. Uit de analyse bleek dat er geen
specifiek patroon in het gebruik is waar te nemen. Per patiënt
geven de artsen een op maat gesneden advies, dat per geval erg kan
verschillen. Verder interviewde Vroom patiënten en reumatologen
over het gebruik van anti-reumamiddelen tijdens de zwangerschap.
"Er zijn aanwijzingen dat het meest gebruikte anti-reumamiddel kan
leiden tot aangeboren afwijkingen, zoals in het gezicht, het skelet
en het hart. Ook denken we aan vroeggeboorte en een te laag
geboortegewicht. Dit zijn problemen die later tot ziektes of
ontwikkelingsachterstanden kunnen leiden. Uit mijn literatuurstudie
bleek echter dat goede kennis over dit onderwerp nog ontbreekt. Ook
de reumatologen en patiënten delen die mening. Patiënten gaven aan
behoefte te hebben aan een goede brochure over hun medicijnen in
combinatie met zwangerschap."
Fokaline Vroom (Noordoostpolder, 1977) studeerde farmacie aan de
Rijksuniversiteit Groningen; waar zij haar promotieonderzoek
uitvoerde bij de basiseenheid Farmaco-epidemiologie en
Farmaco-economie in samenwerking met Farmacotherapie en
Farmaceutische patiëntenzorg, onderzoeksscholen GUIDE en SHARE.
Inmiddels is zij werkzaam bij het Centrum voor Kwaliteit van
Chemisch Farmaceutische Producten (KCF) van het RIVM.