Zoeken
 
Print | Verstuur e-mail

Hypermobiliteit

Wat merkt u van hypermobiliteit?

Te soepele gewrichten geven over het algemeen geen ernstige problemen. Als u toch klachten heeft, gaat het meestal om pijn of overbelasting van de spieren. Deze klachten kunnen acuut en kortdurend zijn, maar ze kunnen ook langer aanhouden.

Krijgt u toch klachten bij hypermobiliteit, dan begint het meestal met vage klachten zoals spierpijn en pijn in uw gewrichten. Daarna ontstaan vaak lage rugklachten.

Vervolgens kunt u ook pijn krijgen bij het traplopen of bij andere activiteiten die de knieën en enkels belasten. Uw gewrichten kunnen opzwellen als er vochtophoping ontstaat. De knieschijf schiet gemakkelijker uit de kom dan bij mensen die niet hypermobiel zijn.

Uw gewrichten zijn gevoeliger voor overbelasting. Daardoor is het risico groter dat u uw enkels, ellebogen of schouders verstuikt tijdens het sporten. Dit kan ook gebeuren bij andere activiteiten waarbij u grote bewegingen maakt. Door uw hypermobiliteit heeft u ook een wat verhoogd risico op een lichte afwijking aan uw wervelkolom (scoliose). Daardoor kunt u bijvoorbeeld rug- of nekpijn krijgen.

Als u te soepele bekkenbanden heeft, kan de pijn die daarbij hoort lijken op de pijn bij bekkeninstabiliteit: lage rugpijn, pijn aan uw stuitje en pijn bij het opstaan (startpijn). Door de hormonale veranderingen tijdens een zwangerschap kunnen uw banden sowieso soepeler worden.

Jonge kinderen met hypermobiliteit hebben meer kans op heupluxatie. Het lijkt er ook op dat hypermobiele kinderen zich in motorisch opzicht net iets langzamer ontwikkelen dan andere kinderen. Zij gaan bijvoorbeeld vaak wat later lopen. Maar deze motorische achterstand halen zij meestal vóór hun derde jaar weer in.

Bij sommige beroepen en hobby's is het handig om soepele gewrichten te hebben. Onder balletdansers, turners en muzikanten zijn dan ook relatief veel mensen met hypermobiliteit te vinden.

Hypermobiliteit (pdf)

Meepraten over reuma?

Like dan onze Facebook-pagina

Wat weet u van reuma?

Op zoek naar een ziekenhuis?