Zoeken
 
Print | Verstuur e-mail

Aanvullend onderzoek

Belangrijke bloedwaarden bij reuma

In uw bloed kunnen stoffen aanwezig zijn die mogelijk op een auto-immuunaandoening wijzen. Als een bloedonderzoek een 'positieve' uitslag heeft, betekent het dus dat u misschien een vorm van reuma heeft. De uitkomsten van alle onderzoeken bij elkaar vormen de uiteindelijke diagnose.

Soorten bloedonderzoek
Wanneer uw arts vermoedt dat u een bepaalde vorm van reuma heeft kan hij verschillende soorten bloedonderzoek laten doen. De meest voorkomende onderzoeken zijn:

 de reumafactortest
• de HLA-B27 test
• de ANA of ANF test (antinucleaire antistoffen)
• de ACPA of anti-CCP test (gecitrullineerde eiwitten)
• de CRP test
• de bezinkingssnelheid test (BSE)

De reumafactortest
De reumafactor (RF) is een auto-antistof. Ongeveer 80% van de mensen met reumatoïde artritis heeft de reumafactor in het bloed. Dat betekent dat bij 20% van de mensen met reumatoïde artritis deze auto-antistof niet wordt gevonden, terwijl hun lichamelijke klachten wel bij deze aandoening passen.

De reumafactor kan ook aantoonbaar zijn bij andere reumatische aandoeningen en bij infecties. Ook bij gezonde mensen kunnen kleine hoeveelheden reumafactor in het bloed worden aangetroffen. De reumafactor is dus niet specifiek voor reumatoïde artritis.

De HLA-B27 test
HLA-B27 is een erfelijke factor die bij 8% tot 10% van de bevolking voorkomt. Als HLA-B27 in uw bloed aanwezig is, heeft u een verhoogde kans op een auto-immuunziekte, vooral op akyloserende spondylitis (ziekte van Bechterew) of uveïtis (oogontsteking). Ook kan HLA-B27 wijzen op reactieve artritis, psoriasis (huidontstekingen) en de ziekte van Crohn

Op basis van de HLA-B27 test kan uw arts geen diagnose stellen.  Bij sommige mensen komt HLA-B27 namelijk voor zonder dat er sprake is van een auto-immuunziekte. En omgekeerd, niet bij iedereen die een auto-immuunziekte heeft, komt HLA-B27 voor.

De ANA of ANF test
Met de ANA of ANF test wordt onderzocht of uw afweersysteem antinucleaire antistoffen aanmaakt. Antinucleaire antistoffen zijn antistoffen die zijn gericht tegen onderdelen van de eigen celkern (nucleus). Het zijn dus auto-antistoffen.

Een positieve ANA-uitslag in combinatie met bepaalde lichamelijke klachten, kan voor uw arts een aanwijzing zijn dat uw klachten voortkomen uit een auto-immuunziekte. Maar er zijn verschillende auto-immuunziekten die een positieve ANA-uitslag kunnen geven. Ook is de ANA-test positief bij 10 tot 15% van de mensen die geen auto-immuunziekte heeft. Bij ouderen ligt dit percentage nog hoger.

Als de ANA test positief is, worden de ENA test en de anti-dubbelstrengs DNA test gebruikt om te kijken tegen welke  bestanddelen van de celkern de autoantistoffen precies gericht zijn. Deze specifieke bestanddelen kunnen aanwezig zijn bij verschillende systeemziektes, zoals lupus erythematodes  (SLE), het syndroom van Sjögren, sclerodermie en MCTD. 

ACPA of anti-CCP test
ACPA of anti-CCP is een auto-antistof tegen het lichaamseigen eiwit CCP. Als u een positieve uitslag op de anti-CCP test heeft in combinatie met gewrichtsontstekingen, dan is de kans dat er sprake is van reumatoïde artritis groot.
 
De anti-CCP-test wordt ook wel gebruikt om reumatoïde artritis in een vroeg stadium op te sporen. De antistoffen kunnen namelijk al enige jaren aantoonbaar zijn voordat u klachten heeft. Dankzij de informatie uit een anti-CCP-test kan soms dus al in een vroeg stadium met een gerichte behandeling worden begonnen.

Er bestaat een kans dat de uitslag op de anti-CCP test negatief is, maar dat u toch reumatoïde artritis heeft. Uw arts kan dan een andere bloedtest uitvoeren, bijvoorbeeld de reumafactortest. Bij sommige mensen met RA zijn er namelijk geen anti-CCP antistoffen in het bloed aantoonbaar, maar kan de reumafactor wel worden aangetoond.

CRP test
De lever maakt het eiwit CRP (C-reactief proteïne) aan als reactie op een ontsteking of een infectie. Een verhoogde CRP-waarde in uw bloed geeft aan dat er ergens in uw lichaam een ontsteking of infectie actief is. Een verhoogde CRP-waarde maakt echter niet duidelijk waar de ontsteking zit  of wat de oorzaak van de ontsteking is.

Bezinkingssnelheid
Het meten van de bezinkingssnelheid (BSE) van de rode bloedcellen is een van de meest gebruikte bloedonderzoeken. Dit onderzoek wordt gebruikt om de aanwezigheid van ontstekingen en infecties in het lichaam aan te tonen of uit te sluiten.

Bij de BSE-test wordt gemeten hoeveel millimeter de rode bloedcellen in het bloedbuisje na 1 uur zijn uitgezakt. Bij een ontsteking zakken de rode bloedcellen sneller dan normaal. De bloedbezinking is dan verhoogd.

Mannen en vrouwen verschillen wat betreft de normale bezinkingssnelheid. Ook hangt de bezinkingssnelheid samen met leeftijd.

De bezinkingssnelheid kan stijgen tot boven de 100 mm per uur. Een verhoogde BSE bij warme, gezwollen en pijnlijke gewrichten geeft aan dat de gewrichtsontsteking actief is. Hoe hoger de gemeten waarde, hoe actiever de ontsteking is. Heeft u een verhoogde BSE maar geen ontstoken gewrichten? Dan is er mogelijk ergens anders in uw lichaam een ontsteking of infectie actief.

Een verhoogde bezinkingssnelheid geeft alleen aan dat er ergens een ontsteking is, niet waar deze zit.

Uw arts bepaalt of bloedonderzoek bij u nodig is.

Aanvullend onderzoek (pdf)

Meepraten over reuma?

Like dan onze Facebook-pagina

Wat weet u van reuma?





Op zoek naar een ziekenhuis?