|
Ongedifferentieerde spondylarthropathieën
Hoe wordt de diagnose gesteld?
Om de diagnose ongedifferentieerde spondylarthropatie te kunnen stellen zal uw arts eerst willen weten welke klachten u precies heeft. Vervolgens zal hij u lichamelijk onderzoeken. Meestal doet hij ook bloedonderzoek en er wordt eventueel een röntgenfoto gemaakt.
Een ongedifferentieerde spondylarthropatie is niet aan te tonen in uw bloed. Wel is aan uw bloed te zien of u een ontsteking heeft. Er zijn verschillende aanwijzingen voor een ontsteking:
- Een snellere bloedbezinking (BSE). Dit betekent dat uw rode bloedlichaampjes sneller zakken dan bij gezonde mensen.
- C-reactief proteïne (CRP) in uw bloed. Dit is een eiwit waarvan het lichaam veel aanmaakt als er een ontsteking zit.
Verder zijn er andere testen die uw arts kunnen helpen bij het stellen van de diagnose:
- Heeft u HLA-B27 in uw bloed? Een kwart van de mensen met een ongedifferentieerde spondylarthropathie heeft deze erfelijke factor in het bloed.
- Heeft u de reumafactor in uw bloed? Mensen met een ongedifferentieerde spondylarthropathie hebben dit niet.
- Komen er vergelijkbare ziektes voor in uw familie? Dit is vaak het geval.
- Heeft u andere ziektes zoals psoriasis, oogontstekingen, ontstekingen van de urinewegen, darminfecties en darmontstekingen (zoals de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa)? Ongedifferentieerde spondylarthropathieën komen vaak samen met deze ziektes voor.